ECLI:NL:RBZWB:2023:2100
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beslissing op bezwaar WIA-uitkering na overschrijding beslistermijn met dwangsom
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) omdat het niet tijdig heeft beslist op haar bezwaar tegen het besluit van 18 februari 2022 over de voortzetting van haar WIA-uitkering.
De rechtbank overweegt dat het UWV uiterlijk op 9 december 2022 had moeten beslissen, maar dit niet heeft gedaan. Eiseres heeft het UWV daarop op 10 december 2022 in gebreke gesteld en sindsdien zijn twee weken verstreken, waardoor het beroep gegrond is.
Vanwege een achterstand in het inplannen van hoorzittingen met verzekeringsartsen, veroorzaakt door een tekort aan verzekeringsartsen, is een langere termijn voor beslissing noodzakelijk. De rechtbank stelt een termijn van vier maanden na verzending van deze uitspraak vast waarbinnen het UWV moet beslissen.
Daarnaast wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd voor elke dag dat de beslistermijn wordt overschreden, met een maximum van €15.000. Het reeds vastgestelde dwangsombedrag van €1.442 wordt niet onjuist bevonden.
Tot slot wordt het griffierecht van €50 en een proceskostenvergoeding van €418,50 aan eiseres toegekend wegens het gegrond verklaren van het beroep.
Uitkomst: Het UWV moet binnen vier maanden alsnog beslissen op het bezwaar en betaalt een dwangsom bij overschrijding.