ECLI:NL:RBZWB:2023:2035

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
28 maart 2023
Publicatiedatum
28 maart 2023
Zaaknummer
22-027589
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Raadkamer
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 552a SvArt. 94 SvArt. 552d lid 2 Sv
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid klaagschrift wegens beëindiging beslag en teruggave goederen

Klager diende een klaagschrift in ex artikel 552a Sv tegen de voortduring van de inbeslagname van twee Apple-telefoons, een Rolex-horloge (imitatie) en contant geld, die op 9 november 2022 onder hem in beslag waren genomen. Hij wenste over deze goederen te kunnen beschikken en verzocht om teruggave.

De officier van justitie stelde dat er geen belang meer was bij de voortzetting van het beslag en gaf een last tot teruggave af. De goederen zijn (deels) aan klager teruggegeven, waarmee het beslag is beëindigd.

De raadkamer oordeelde dat het klaagschrift tijdig was ingediend en zij bevoegd was tot afdoening. Echter, omdat het beslag reeds was beëindigd en de goederen waren teruggegeven, was klager niet-ontvankelijk in zijn klaagschrift.

De beslissing werd op 28 maart 2023 uitgesproken door rechter M.H.M. Collombon tijdens een openbare terechtzitting. Tegen deze beslissing staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad.

Uitkomst: Klager wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het beslag is beëindigd en de goederen zijn teruggegeven.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht
Locatie Breda
parketnummer: -
rk.nummer: 22-027589
Beslissing op het klaagschrift ex artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering van:
[verzoeker]
geboren op [geboortedag] 1975 te [geboorteplaats],
woonplaats kiezende ten kantore van mr. J.C. Sneep, Stationslaan 1a2, 4815 GW Breda
hierna te noemen: klager.

1.De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit de volgende stukken:
  • de kennisgeving van inbeslagname op grond van artikel 94 van Pro het Wetboek van Strafvordering (hierna te noemen: Sv), waaruit blijkt dat op 9 november 2022 onder klager in beslag zijn genomen: twee telefoons (Apple), een horloge en een contant geldbedrag.
  • het klaagschrift, ingediend op 28 november 2022 ter griffie van deze rechtbank ingevolge artikel 552a Sv;
  • het verweerschrift van de officier van justitie en
  • de overige stukken uit het bijbehorende raadkamerdossier met voornoemd raadkamernummer.
Het klaagschrift is behandeld in raadkamer op 14 maart 2023. Hierbij zijn gehoord de officier van justitie en mr. J.C. Sneep als gemachtigd raadsman van klager.
Klager is behoorlijk opgeroepen, maar is niet bij de behandeling van het klaagschrift verschenen.
Namens klager is aangevoerd dat er een tweetal telefoons van het merk Apple, een horloge van het merk Rolex (imitatie) en een contant geldbedrag in beslag zijn genomen onder klager op 9 november 2022. Klager is de eigenaar van voornoemde goederen en wenst over deze goederen te kunnen beschikken. Klager wordt gehinderd door de voortduring van de inbeslagname en verzoekt de rechtbank om zijn klaagschrift gegrond te verklaren onder teruggave van voornoemde goederen aan klager.
De officier van justitie heeft zich in raadkamer op het standpunt gesteld dat er geen belang van strafvordering meer is gediend met de verdere inbeslagname van de verzochte goederen. Er is inmiddels ook een last tot teruggave afgegeven ten aanzien van alle goederen, deze goederen zijn al (deels) teruggeven aan klager. Het beslag is daarmee beëindigd.

2.De beoordeling

De raadkamer van de rechtbank is bevoegd tot afdoening van het klaagschrift.
Het klaagschrift is tijdig ingediend.
Door de afgegeven last tot teruggave aan klager van de op grond van artikel 94 Sv Pro. in beslag genomen goederen is het beslag reeds geëindigd. De rechtbank zal klager dan ook niet-ontvankelijk verklaren in zijn klaagschrift.
3. De beslissing
De rechtbank:
verklaart klager niet-ontvankelijk in zijn klaagschrift.
Deze beslissing is op 28 maart 2023 gegeven door mr. M.H.M. Collombon, rechter, in tegenwoordigheid van J. van ‘t Westende, griffier, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van 28 maart 2023.
INFORMATIE RECHTSMIDDEL
Tegen deze beslissing kan door het Openbaar Ministerie binnen veertien dagen na dagtekening van deze beslissing en door de klager binnen veertien dagen na de betekening van deze beslissing
beroep in cassatieworden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden te 's-Gravenhage (artikel 552d lid 2 Wetboek van Strafvordering).