Uitspraak
1.De procedure
- de aantekeningen van de griffier van de mondelinge behandeling ter zitting van 17 februari 2023.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
In deze kort geding procedure vordert eiseres betaling van haar laatstverdiende loon vanaf januari 2023, vermeerderd met vakantiegeld, en een wettelijke verhoging over het niet-betaalde loon van november 2022. Gedaagde, TP Breda, is niet verschenen, waardoor verstek is verleend.
De kantonrechter stelt vast dat het dienstverband op grond van artikel 7:668 lid 4 sub a BW Pro geacht wordt voortgezet te zijn vanaf 1 november 2022 voor zeven maanden. Hierdoor is betaling van loon tot en met mei 2023 verschuldigd. De loonvordering en wettelijke verhoging van 38% over november 2022 worden toegewezen, evenals de wettelijke rente vanaf opeisbaarheid.
De proceskosten worden aan TP Breda opgelegd, maar de explootkosten worden niet toegewezen wegens ontbrekende wettelijke grondslag. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en is op 3 maart 2023 gewezen door de kantonrechter.
Uitkomst: De kantonrechter veroordeelt TP Breda tot betaling van loon, wettelijke verhoging, rente en proceskosten wegens voortzetting dienstverband.