ECLI:NL:RBZWB:2023:133
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek om herbeoordeling kinderopvangtoeslag: overschrijding beslistermijn en dwangsom opgelegd
Eiseres heeft op 4 februari 2021 een verzoek ingediend tot herbeoordeling van haar situatie met betrekking tot de kinderopvangtoeslag. De Belastingdienst heeft niet binnen de wettelijke beslistermijn op dit verzoek beslist. Eiseres stelde de Belastingdienst op 28 juni 2022 in gebreke, waarna het beroep werd ingesteld.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is omdat de beslistermijn is overschreden. De Belastingdienst wordt opgedragen binnen elf weken na verzending van het vonnis alsnog een besluit te nemen. De rechtbank wijst een langere termijn toe dan de standaard twee weken vanwege het grote aantal verzoeken dat de Belastingdienst moet behandelen.
Daarnaast wordt een dwangsom van € 100 per dag opgelegd voor iedere dag dat de beslistermijn na de gestelde termijn wordt overschreden, met een maximum van € 15.000. De rechtbank bepaalt ook dat de Belastingdienst het betaalde griffierecht en een proceskostenvergoeding van € 418,50 aan eiseres moet vergoeden.
De rechtbank wijst het verzoek van de Belastingdienst af om de termijn te verlengen met perioden van vertraging door toedoen van eiseres, omdat dit te onbepaald is en geen duidelijkheid biedt. De uitspraak is gedaan door rechter R.P. Broeders op 10 januari 2023 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, draagt de Belastingdienst op binnen elf weken alsnog te beslissen en legt een dwangsom op bij overschrijding.