Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
- feit 1: smaad(schrift) dan wel laster ten aanzien van [naam 1] en [naam 2] ;
- feit 2: smaad(schrift) dan wel laster ten aanzien van [naam 3] ;
- feit 3: stalking van [naam 1] en [naam 2] ;
- feit 4: mishandeling van [naam 4] ;
- feit 5: vernieling van een telefoon;
- feit 6: smaad(schrift) dan wel laster ten aanzien van [naam 5] en [naam 6] ;
- feit 7: smaad(schrift) dan wel laster ten aanzien van [naam 7] .
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partijen
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan de onder 4 en 7 ten laste gelegde feiten;
smaadschrift, meermalen gepleegd;
smaadschrift;
belaging;
opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, beschadigen;
smaadschrift, meermalen gepleegd
een taakstraf van 150 uren, subsidiair 75 dagen vervangende hechtenis, waarvan 50 uren, subsidiair 25 dagen vervangende hechtenis, voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
betaling aan de benadeelde partij [naam 3] van € 200,- aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 mei 2018 tot aan de dag der voldoening;
de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer [naam 3](feit 2),
€ 200,- te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 mei 2018 tot aan de dag der voldoening.
4 dagen gijzelingkan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
betaling aan de benadeelde partij [naam 5] van € 500,- aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 9 juli 2018 tot aan de dag der voldoening;
de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer [naam 5](feit 6),
€ 500,- te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 9 juli 2018 tot aan de dag der voldoening;
10 dagen gijzelingkan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;