ECLI:NL:RBZWB:2022:7625
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Bodemzaak
- Hindriks
- Rechtspraak.nl
Ontbinding zorg- en woonovereenkomst wegens betalingsachterstand en beëindiging begeleiding
Traverse en gedaagde sloten op 20 oktober 2020 een gecombineerde zorg- en woonovereenkomst waarbij het zorgelement overheerst en de huurbescherming niet van toepassing is. Gedaagde ontving zorg op grond van een WMO-beschikking en betaalde een maandelijkse woonvergoeding. Na een beschikking van de Immigratie- en Naturalisatiedienst verloor gedaagde het recht op bijstand, waarna Traverse de overeenkomst per 21 maart 2022 beëindigde wegens het niet vinden van betaald werk.
De rechtbank stelt vast dat de WMO-beschikking niet tussentijds is beëindigd en dat de beëindiging van de overeenkomst op deze grond niet rechtsgeldig was. Subsidiair vordert Traverse ontbinding van de overeenkomst wegens betalingsachterstand vanaf juni 2022 en een incident waarbij gedaagde een bloempot omstootte. De rechtbank oordeelt dat het incident onvoldoende onderbouwd is voor ontbinding en hooguit schadevergoeding kan rechtvaardigen.
De betalingsachterstand is onbetwist en vormt een ernstige tekortkoming die ontbinding en ontruiming rechtvaardigt. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente worden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De ontruimingstermijn wordt vastgesteld op veertien dagen na betekening. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de achterstallige woonvergoeding en ontruiming van de woning binnen twee weken na betekening van het vonnis.
Uitkomst: De zorg- en woonovereenkomst wordt ontbonden en gedaagde wordt veroordeeld tot ontruiming en betaling van achterstallige woonvergoeding.