ECLI:NL:RBZWB:2022:5334
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkverklaring bezwaar huurtoeslag wegens termijnoverschrijding
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 15 september 2022 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak waarin eiseres bezwaar maakte tegen de definitieve vaststelling van huurtoeslag over de jaren 2017 en 2019. De Belastingdienst/Toeslagen had het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard omdat het bezwaarschrift na de wettelijke termijn was ingediend.
Eiseres erkende de ontvangst van de besluiten en betwistte niet dat het bezwaar te laat was ingediend. Zij voerde aan dat de emotionele impact van de besluiten haar belemmerde tijdig bezwaar te maken en dat een medewerker van de Belastingtelefoon haar had geïnformeerd dat bezwaar nog mogelijk was. De rechtbank oordeelde dat termijnen van bezwaar van openbare orde zijn en dat de emotionele omstandigheden geen verschoonbare reden vormen voor de termijnoverschrijding.
De rechtbank stelde vast dat eiseres gedurende de bezwaartermijn in staat had moeten zijn haar belangen te behartigen en dat het telefonische contact na afloop van de termijn geen toezegging inhield dat het bezwaar inhoudelijk zou worden behandeld. De beroepen werden ongegrond verklaard en het bestreden besluit bleef in stand. Eiseres kreeg het griffierecht niet terug.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de definitieve vaststelling van huurtoeslag is niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding zonder verschoonbare omstandigheden.