ECLI:NL:RBZWB:2022:5126
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hervatting dwangverpleging TBS met wijziging voorwaarden voorwaardelijke beëindiging
Betrokkene is veroordeeld tot gevangenisstraf en TBS met verpleging wegens medeplegen van doodslag, diefstal en opzetheling. De TBS werd voorwaardelijk beëindigd in 2018 en verlengd in 2022. De officier van justitie verzocht om hervatting van de verpleging vanwege een hoog recidiverisico volgens de reclassering, maar deskundige Canton stelde dat het risico op ernstige geweldsdelicten laag is en verdere klinische behandeling niet opportuun.
De reclassering achtte het algemene recidiverisico hoog en adviseerde hervatting, maar kon geen indicatiestelling verkrijgen voor opname. Deskundige Canton adviseerde voortzetting van de voorwaardelijke beëindiging met aangepaste voorwaarden gericht op ambulante behandeling, huisvesting, werk en drugstoezicht.
De rechtbank concludeerde dat het recidivegevaar onvoldoende is voor hervatting van de dwangverpleging en wees de vordering daartoe af. Wel wijzigde zij de voorwaarden van de voorwaardelijke beëindiging, waaronder wonen bij de broer van betrokkene, ambulante behandeling, abstinentie van harddrugs en toezicht door de reclassering. De rechtbank benadrukte het belang van een stabiele woon- en werksituatie en een zorgvuldige begeleiding.
Uitkomst: Vordering tot hervatting van de dwangverpleging afgewezen; voorwaarden van voorwaardelijke beëindiging gewijzigd en aangevuld.