ECLI:NL:RBZWB:2022:4774

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
15 augustus 2022
Publicatiedatum
17 augustus 2022
Zaaknummer
AWB- 21_4190
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:41 AwbArt. 8:54 Awb
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet-betaald griffierecht na overboeking

Eisers hebben beroep ingesteld tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hulst over de herziening en beëindiging van hun bijstandsuitkering en terugvordering van bijstand.

De rechtbank stelt vast dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is omdat het griffierecht niet (meer) is betaald. Hoewel eisers het griffierecht aanvankelijk tijdig betaalden, werd dit bedrag overgeboekt naar een ander beroep dat zij hadden ingesteld, waardoor in deze procedure het griffierecht ontbreekt.

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk zonder zitting op grond van artikel 8:54 Awb Pro en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Eisers kunnen binnen zes weken verzetschrift indienen tegen deze uitspraak.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet (meer) betalen van het griffierecht na overboeking naar een andere procedure.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Bestuursrecht
zaaknummer: BRE 21/4190

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 15 augustus 2022 in de zaak tussen

[naam eiseres] , zonder vaste woon- of verblijfplaats, eisers

(gemachtigde: mr. T. der Bedrosian),
en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hulst, verweerder.

Procesverloop

Eisers hebben op 28 september 2021 beroep ingesteld tegen de beslissing op bezwaar van verweerder van 18 augustus 2021 (het bestreden besluit) inzake de herziening van hun bijstandsuitkering vanaf juli 2020, de beëindiging van hun bijstandsuitkering met ingang van 14 september 2020 en de terugvordering van aan hen verstrekte bijstand tot een bedrag van € 115,37.

Overwegingen

Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. De rechtbank legt hierna uit waarom het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is.
Iemand die beroep instelt, moet griffierecht betalen. Dit staat in artikel 8:41, van de Awb. In een zaak als deze is het griffierecht € 49,-. De griffier van de rechtbank stelt een termijn waarbinnen het griffierecht moet worden betaald. Het hele bedrag moet binnen die termijn zijn bijgeschreven op de rekening van de rechtbank of dan zijn betaald op de griffie van de rechtbank. Als het griffierecht niet of niet tijdig is betaald, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Dat is alleen anders als het niet of niet tijdig betalen van het griffierecht verontschuldigbaar is.
De griffier heeft eisers in de gelegenheid gesteld het griffierecht te betalen, waarna eisers het griffierecht op 30 oktober 2021 tijdig hebben betaald.
Eisers hadden naast dit beroep echter nog een ander beroep ingesteld, bekend onder zaaknummer 21/4186. Eisers waren in de veronderstelling het griffierecht in die procedure voldaan te hebben. Omdat er maar eenmaal een bedrag van € 49,- aan griffierecht was voldaan heeft de rechtbank het beroep met zaaknummer 21/4186 niet-ontvankelijk verklaard. Eisers hebben daartegen verzet ingesteld. De verzetrechter heeft op 7 juli 2022 uitspraak gedaan en geoordeeld dat het betaalde griffierecht in dit beroep wordt overgeboekt naar het beroep met zaaknummer 21/4186.
Het vorenstaande heeft tot gevolg dat het griffierecht in deze zaak niet (meer) betaald is.
Het beroep is daarom kennelijk niet-ontvankelijk.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.A.M.L. van de Sande, rechter, in aanwezigheid van D. Alblas, griffier, op 15 augustus 2022 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De griffier is niet in de gelegenheid om de uitspraak te ondertekenen.
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.