Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De beslissing
geen straf of maatregel wordt opgelegd.
mr. M. Diepenhorst, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M. van Grinsven, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 28 april 2022.