ECLI:NL:RBZWB:2022:1691
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening bij herziening bijstandsuitkering en terugvordering
Verzoeker maakte bezwaar tegen het besluit van 22 februari 2022 waarin zijn recht op bijstandsuitkering werd herzien en teveel verstrekte bijstand werd teruggevorderd. Hij verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter vroeg verzoeker om nadere toelichting op het spoedeisend belang, inclusief een overzicht van zijn financiële situatie. Verzoeker gaf aan onder bewind te zijn gesteld maar leverde geen financieel overzicht aan. Verweerder verklaarde dat verzoeker nog steeds een bijstandsuitkering ontvangt en dat de terugvordering plaatsvindt via verrekening met de uitkering, rekening houdend met de beslagvrije voet.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het spoedeisend belang onvoldoende was aangetoond en dat het verzoek om voorlopige voorziening daarom moest worden afgewezen. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening bij herziening bijstandsuitkering en terugvordering wordt afgewezen wegens onvoldoende spoedeisend belang.