Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Stichting Buurtzorg Nederland,
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Eiseres, een vastgoedbeheerder, vorderde van gedaagde, een stichting, betaling van achterstallige huur, boetes, waarborgsom en proceskosten. Gedaagde had de huur sinds 2017 niet rechtstreeks aan eiseres betaald, maar via een gelieerde onderneming die beslaglegger was.
De rechtbank oordeelde dat de betaling van de huur over mei 2020 aan de beslaglegger bevrijdend was, omdat het bedrag indirect aan gedaagde ten goede was gekomen. Een dubbele betaling aan eiseres zou leiden tot ongerechtvaardigde verrijking. Hierdoor waren de vorderingen op basis van non-betaling ongegrond en in strijd met redelijkheid en billijkheid.
Ook de vorderingen tot hernieuwde storting van de waarborgsom werden afgewezen, omdat eiseres geen rechtens te respecteren belang meer had. Daarnaast werden vorderingen tot oplevering en vergoeding wegens niet-herstel van kleine gebreken afgewezen vanwege onvoldoende onderbouwing en strijd met de verplichting tot schadebeperking.
De rechtbank veroordeelde eiseres in de proceskosten en wees het meer of anders gevorderde af. Het vonnis werd uitgesproken door mr. N.C.M. Koch op 16 februari 2022.
Uitkomst: Alle vorderingen van de verhuurder worden afgewezen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.