ECLI:NL:RBZWB:2022:1558
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Schorsing voorlopige hechtenis wegens bijzondere omstandigheden oorlogssituatie Oekraïne
Op 14 september 2021 is de voorlopige hechtenis van verdachte bevolen vanwege betrokkenheid bij het proberen te vervoeren van een groep Albanese personen naar Groot-Brittannië, een ernstig strafbaar feit. Op 24 maart 2022 diende verdachte een verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis in.
De rechtbank heeft op 29 maart 2022 het verzoek behandeld en daarbij het strafdossier bestudeerd en partijen gehoord. De rechtbank benadrukt dat verdachte in beginsel het recht heeft om zijn berechting in vrijheid af te wachten, tenzij het belang van de samenleving bij voortzetting van de hechtenis zwaarder weegt.
De oorlogssituatie in Oekraïne, waar de minderjarige kinderen van verdachte met zijn ex-vrouw verblijven, vormt een bijzondere en zwaarwegende omstandigheid. Verdachte heeft een dringende wens om zijn gezin in veiligheid te brengen en daarna bij te dragen aan de verdediging van Oekraïne. Daarnaast is het aandeel van verdachte bij het strafbare feit relatief beperkt, duurt de voorlopige hechtenis al bijna zeven maanden en is er geen zicht op een spoedige inhoudelijke behandeling van de zaak.
Gezien deze omstandigheden weegt het persoonlijk belang van verdachte zwaarder dan het strafvorderlijk belang, waardoor de rechtbank de voorlopige hechtenis schorst onder voorwaarden.
Uitkomst: De voorlopige hechtenis van verdachte wordt geschorst onder voorwaarden vanwege bijzondere persoonlijke omstandigheden door de oorlog in Oekraïne.