Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.Het beslag
8.De benadeelde partij
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het primair tenlastegelegde feit;
een gevangenisstraf van één maand;
R.J.H. de Brouwer, rechters, in tegenwoordigheid van mr. H.J.E.M. Hoezen, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 23 maart 2022.