ECLI:NL:RBZWB:2022:1276
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Weigering afgifte briefadres en niet-ontvankelijkheid verzoek voorlopige voorziening
Verzoekers hebben bezwaar gemaakt tegen de weigering van het college van burgemeester en wethouders van Breda om een besluit te nemen op hun verzoek tot afgifte van een briefadres. Tevens verzochten zij de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter wees verzoekers bij aangetekende brief op de verplichting tot betaling van griffierecht binnen twee weken, met de waarschuwing dat niet tijdige betaling kan leiden tot niet-ontvankelijkheid van het verzoek. Het griffierecht werd echter niet binnen de gestelde termijn ontvangen.
Op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht werd een zitting achterwege gelaten. De voorzieningenrechter verklaarde het verzoek om voorlopige voorziening daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van griffierecht.