ECLI:NL:RBZWB:2021:847
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Op tegenspraak
- Sterk
- Prenger
- Dijkman
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs van witwassen van contant geldbedrag in verborgen ruimte auto
Op 28 oktober 2019 werd in een verborgen ruimte van een auto een contant geldbedrag van €176.500 aangetroffen. Verdachte meldde zich als eigenaar van dit geld en verklaarde het via een neef aan een derde te hebben uitgeleend, zonder namen te noemen. De officier van justitie vermoedde witwassen vanwege de omvang, coupures en wijze van vervoer van het geld, en stelde dat verdachte onvoldoende kon verklaren hoe hij aan het geld kwam.
De verdediging voerde aan dat verdachte als voormalig professioneel voetballer een legaal vermogen had opgebouwd en het geld legaal in bezit had. De rechtbank erkende het vermoeden van witwassen, maar kon niet vaststellen dat verdachte daadwerkelijk de beschikking had over het geld tijdens de ten laste gelegde periode of daarbij betrokken was.
Daarom kon de rechtbank niet tot een bewezenverklaring komen en sprak verdachte vrij van het ten laste gelegde witwasfeit. Het vonnis werd uitgesproken door de meervoudige kamer van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant op 2 maart 2021.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van betrokkenheid bij witwassen van €176.500.