Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
(vgl. Hoge Raad 17 maart 1998, ECLI:NL:HR:1998:ZD0975).
.Dit bedrijf werd om die reden door de Belgische politie geprofileerd in de haven van Antwerpen. Dit houdt in dat containers van het bedrijf in de haven werden gecontroleerd op de aanwezigheid van verdovende middelen. Op 14 maart 2019 zijn met het schip de [schip] twee containers uit Zuid-Amerika aangekomen die bestemd waren voor dit bedrijf. Op 15 maart 2019 bleek uit een scan dat de inhoud van de container met kenmerk [kenmerk] niet conform de aangegeven lading was.
[naam 2] .Als geadresseerde was opgenomen:
[bedrijf 1] , [adres 2] .De lading van de container betrof volgens de documenten verse bananen. Op 16 maart 2019 is de inhoud van de container aan een controle onderworpen. In de container bleek, volgens een indicatieve test, cocaïne te zijn opgeslagen. In totaal zijn 1280 pakketten cocaïne gevonden, waarvan het complete gewicht 1468 kilogram was. De pakketten waren voorzien van twaalf verschillende opdrukken. Na bemonstering van de pakketten door de Belgische politie zijn 1279 pakketten vernietigd en is één pakket van 1112 gram terug in de container gelegd. De container is vervolgens gecontroleerd doorgelaten en naar de terminal gebracht voor verder transport.
‘ramp’. Deze ramp kan worden gebruikt om achter een container of oplegger te plaatsen en daarlangs de container te laden of te lossen. In de loods leek er geen bestaande bedrijvigheid op het gebied van autoreparaties. In de loods was ook geen koelruimte aanwezig om bananen koel te bewaren.
‘pusherig’overgekomen, aldus de getuige.
‘ [schip] ’en
‘container [kenmerk] ’in combinatie met
‘track&trace’.[medeverdachte 1] heeft niet eerder op zijn telefoon gezocht op ‘ [schip] ’ in combinatie met ‘track&trace’. Het genoemde containernummer is één van de twee containers die op 14 maart 2019 voor [medeverdachte 1] met de [schip] in Antwerpen zijn aangekomen, waarbij geldt dat in deze specifieke container de cocaïne is aangetroffen.
‘ [accountnaam 2] ’en [medeverdachte 2] onder de accountnaam
‘ [accountnaam 1] ’. Op 23 april 2020 schrijft [accountnaam 2] :
“BV was al heet, maar er is ook getipt”.Op 9 mei 2020 heeft [accountnaam 2] een gesprek met een andere Encrochat-gebruiker waarin hij schrijft:
“Fruit is niet interessant”en
“Teveel verlies per container”en
“Ik zit vast voor 1500 in bananen”en
“Bananen bedrijf in Ned was van mij en me mensen”en
“1 keer 2500 goed”en
“1500 fout”. [accountnaam 1] heeft 18 april 2020 een gesprek met een ander persoon op Encrochat, waarin hij schrijft:
“Groen en ik spreken elkaar dagelijks”waarop de ander zegt:
“Dat is toch normaal, jullie zijn partners. Ik heb oog ook over alles op de hoogte gehouden”. Op 26 april 2020 zegt deze gesprekspartner tegen [accountnaam 1] :
“We hebben iets goed gehad, we hebben een keer hoofdpijn, nu tijd om weer te lachen”waarop [accountnaam 1] zegt:
“Ja, we moeten verder hoe dan ook.”
5.De overwegingen omtrent het beslag
6.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het ten laste gelegde feit;