ECLI:NL:RBZWB:2021:6481
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- Toekoen
- Rechtspraak.nl
Toekenning gedeeltelijk gezag aan gecertificeerde instelling voor medische beslissingen meervoudig gehandicapt kind
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 17 december 2021 een verzoek van de gecertificeerde instelling (GI) tot gedeeltelijke toekenning van het gezag over een meervoudig gehandicapt kind, geboren in 2005, aan de GI voor medische behandelingen en een persoonlijkheidsonderzoek met IQ-bepaling. De moeder, die het ouderlijk gezag uitoefent, werkte niet mee aan noodzakelijke medische zorg, waardoor het kind al meer dan een jaar geen adequate behandeling ontving.
De GI stelde dat de moeder wantrouwend is tegenover instanties en niet structureel zal meewerken, ondanks herhaalde pogingen. Het kind volgt de wensen van de moeder en weigert zelf medische behandelingen. De moeder ontkende niet dat zij afspraken had afgezegd en stelde dat een medisch adviesbureau via haar advocaat een objectief beeld zou moeten schetsen van de situatie, maar de rechtbank achtte dit voorstel niet passend in deze fase.
De kinderrechter oordeelde dat de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing nog steeds van kracht zijn en dat medische behandeling noodzakelijk is voor het kind. Gezien het belang van het kind en de weigering van de moeder om toestemming te geven, werd het verzoek van de GI toegewezen. Het gezag over medische beslissingen wordt voor de duur van de machtiging tot uithuisplaatsing, tot 1 november 2022, gedeeltelijk aan de GI toegekend, met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.
Uitkomst: Het gezag over medische beslissingen wordt gedeeltelijk aan de gecertificeerde instelling toegekend tot 1 november 2022.