Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
produceren;
3: samen met anderen opzettelijk 278 kilogram metamfetamine en 350 liter
metamfetaminebase aanwezig heeft gehad.
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
30 november 2020 opnieuw in werking kon zijn. Tot slot heeft [medeverdachte 5] op 30 november 2020 ook zorggedragen voor het aanleveren van gasflessen ten behoeve van het productieproces. [medeverdachte 5] is dan ook in de verweten periode meerdere keren aanwezig geweest bij het lab om het productieproces door de andere verdachten in stand te houden.
30 november 2020 in Westdorpe binnen de gemeente Terneuzen hoeveelheden metamfetamine hebben geproduceerd. Zij acht hierbij ook wettig en overtuigend bewezen dat er sprake is van medeplegen.
.Daarnaast is tijdens een observatie op 30 november 2020 gezien hoe de deuren van de loods meerdere keren werden geopend voor verdachte [medeverdachte 5] om de lege gasflessen op te halen en gevulde gasflessen te brengen. Hoewel de reden waarom de deur van de loods ten tijde van het binnentreden door de verbalisanten was afgesloten niet bekend is geworden, kan op basis van de verklaringen en de bewijsmiddelen niet worden geconcludeerd dat verdachten door het slot geen enkele beschikkingsmacht over de metamfetamine en metamfetaminebase hadden en konden hebben. Naar eigen verklaring zijn drie van hen op donderdag 26 november 2020 met [medeverdachte 5] naar Rotterdam gereden en zijn ze op maandag 30 november teruggekomen naar de loods. Daaruit blijkt dat (mede)verdachten de productieplaats konden verlaten, al dan niet met de geproduceerde goederen.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.Het beslag
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
van de Opiumwet gegeven verbod;
en
Feit 3:medeplegen van, opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder Pro C
van de Opiumwet gegeven verbod;
10 van de Opiumwet, voor te bereiden of te bevorderen, voorwerpen en
stoffen voorhanden hebben, waarvan hij weet dat zij bestemd zijn tot het
plegen van dat feit;
een gevangenisstraf van 4 jaren;
€ 40,00 met goednummer ZB1R020101_635998.