ECLI:NL:RBZWB:2021:4210
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake voornemen opleggen boete Meststoffenwet
Verzoekster maakte bezwaar tegen een brief van de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit waarin een voornemen tot boeteoplegging wegens overtreding van de Meststoffenwet werd aangekondigd. Zij verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening om de behandeling van haar zienswijze aan te houden totdat haar gemachtigde terug was van vakantie.
De voorzieningenrechter overwoog dat het voornemen tot boeteoplegging geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht is omdat het niet is gericht op rechtsgevolg, maar slechts een feitelijke mededeling betreft. Tegen een dergelijk voornemen staat geen bezwaar of beroep open. Daarom is er geen grond voor het treffen van een voorlopige voorziening.
Daarnaast werd vermeld dat de gemachtigde telefonisch had bevestigd dat het zienswijzegesprek na zijn vakantie zou plaatsvinden. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het voornemen tot boeteoplegging geen besluit is waartegen bezwaar en beroep mogelijk zijn.