ECLI:NL:RBZWB:2021:4141
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen blokkering AIO-aanvulling
Verzoekster maakte bezwaar tegen het besluit van de Sociale Verzekeringsbank (Svb) om haar recht op een aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO-aanvulling) te blokkeren. Zij verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen om de blokkering te schorsen in afwachting van de hoofdzaak.
De voorzieningenrechter beoordeelde het spoedeisend belang van het verzoek. Uit de door verzoekster overgelegde financiële gegevens bleek dat zij maandelijks een bedrag van € 379,30 overhield om van te leven en een banksaldo van € 253,24 had. Daarnaast was opgemerkt dat verzoekster kort geleden nog € 520,00 contant had opgenomen, waarvan niet was aangegeven dat dit voor andere doeleinden dan levensonderhoud was gebruikt.
De voorzieningenrechter concludeerde dat met deze financiële situatie geen sprake was van een acute noodsituatie die een voorlopige voorziening rechtvaardigt. Het verzoek werd daarom afgewezen. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is definitief, er staat geen rechtsmiddel tegen open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de blokkering van de AIO-aanvulling is afgewezen wegens onvoldoende spoedeisend belang.