ECLI:NL:RBZWB:2021:3787
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek voorlopige voorziening wegens niet-betaling griffierecht in jeugdzorgzaak
Verzoekster heeft een voorlopige voorziening gevraagd bij de voorzieningenrechter wegens het uitblijven van een verleningsbesluit jeugdzorg voor haar dochter. De procedure vond plaats op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, waardoor een zitting achterwege bleef.
De voorzieningenrechter constateerde dat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn was voldaan. Verzoekster had een beroep gedaan op betalingsonmacht, maar dit werd bij brief van 29 juni 2021 afgewezen. Zij was bij aangetekende brief van 1 juli 2021 gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht en de consequenties van niet-betaling.
Gelet hierop verklaarde de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk. Tegen deze uitspraak stond geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.