ECLI:NL:RBZWB:2021:3615
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot ontbinding huurovereenkomst woonruimte bij samenwonen partner
Eiseres vorderde ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning, omdat een van de huurders de woning had verlaten en de partner van de andere huurder was ingetrokken zonder toestemming. Tevens stelde eiseres dat er sprake was van overlast, bedrijfsmatige activiteiten en het ophangen van camera's in strijd met de huurovereenkomst.
De kantonrechter oordeelde dat het samenwonen met de partner niet valt onder het verbod op onderhuur en dat het recht op eerbiediging van het gezinsleven (artikel 8 EVRM Pro) zich hiertegen verzet. De overige stellingen over overlast, bedrijfsmatig gebruik en privacyinbreuk door camera's waren onvoldoende onderbouwd en werden gemotiveerd betwist.
Ook de huurachterstand was inmiddels voldaan, zodat geen tekortkoming bestond die ontbinding rechtvaardigt. De vorderingen werden daarom afgewezen en eiseres werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming is afgewezen.