Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
Voor wat betreft feit 4 wordt vrijspraak gevorderd voor de 0,6 liter MDMA-olie, aangezien hiervoor onvoldoende wettig en overtuigend voorhanden is.
19 juli2019 in na te noemen plaatsen heeft deelgenomen aan organisatie
s, welke organisatie
sbestond
enuit samenwerkingsverband
envan hem, verdachte en na te noemen personen, te weten
stot oogmerk had het plegen van misdrijven als bedoeld in artikel 10 derde Pro, vierde en vijfde lid, 10A eerste lid van de Opiumwet, namelijk
29 mei2019 tot en met 3 juli 2019 te Esch, gemeente Haaren, tezamen en in vereniging met anderen,
29 mei2019 tot en met 3 juli 2019, te Esch, gemeente Haaren, tezamen en in vereniging met anderen,
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.Het beslag
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
een gevangenisstraf van 48 maanden;