ECLI:NL:RBZWB:2020:7124
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing omgevingsvergunning voor het kappen van houtopstanden in Goirle
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Goirle verleende een omgevingsvergunning voor het kappen van 103 houtopstanden, waarvan circa 50% in een laan. Eiseres maakte bezwaar tegen deze vergunning en stelde dat het college zich had laten leiden door economische belangen en dat het besluit onzorgvuldig was voorbereid. Zij verwees naar een advies van een deskundige en een tegenrapport dat meer onderzoek en individuele beoordeling van bomen adviseerde.
De rechtbank oordeelde dat het college het besluit zorgvuldig had voorbereid en dat het advies van BTL Bomendienst voldoende onderbouwing bood voor de noodzaak van het kappen. De rechtbank vond dat het college de bomen als geheel mocht beoordelen en niet elke boom afzonderlijk hoefde te onderzoeken. Ook was de belangenafweging begrijpelijk en evenredig, waarbij het college het belang van het behoud van een gezonde laanstructuur en toekomstig woon- en leefklimaat zwaarder mocht laten wegen dan het behoud van alle bomen.
De rechtbank verwierp het standpunt van eiseres dat het besluit onzorgvuldig was en dat er sprake was van misbruik van bevoegdheid. De motivering van het college was voldoende deugdelijk en navolgbaar. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor het kappen van de bomen wordt ongegrond verklaard.