ECLI:NL:RBZWB:2020:6505
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling UWV in proceskosten na toekenning IVA-uitkering
Verzoekster stelde beroep in tegen het besluit van het UWV over de toekenning van een WGA-loonaanvullingsuitkering met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80 tot 100%. Later besloot het UWV dat verzoekster met terugwerkende kracht recht had op een IVA-uitkering vanaf 23 augustus 2016. Hierop trok verzoekster het beroep in en verzocht het UWV te veroordelen in de proceskosten.
De rechtbank overwoog dat het UWV met het besluit van 24 april 2020 aan verzoekster is tegemoetgekomen en daarom veroordeelde het UWV in de proceskosten van bezwaar en beroep. De proceskosten werden vastgesteld op € 1.575,- op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht. Daarnaast werd opgemerkt dat het griffierecht van € 47,- door het UWV aan verzoekster wordt vergoed zonder dat een veroordeling daarvoor nodig is.
De rechtbank liet de behandeling van het verzoek ter zitting achterwege en wees het verzoek toe. De uitspraak werd gedaan door rechter L.P. Hertsig en griffier D. Alblas op 18 december 2020.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van € 1.575,- aan proceskosten aan verzoekster.