ECLI:NL:RBZWB:2020:6068
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling proceskosten na herziening beëindiging bijstandsuitkering
Verzoeker stelde beroep in tegen het besluit van Orionis Walcheren tot beëindiging van zijn bijstandsuitkering per 23 juli 2019. Tijdens de procedure herzag Orionis het besluit op 27 oktober 2020 en besloot het recht op uitkering te handhaven vanaf de oorspronkelijke datum. Hierdoor trok verzoeker het beroep in en verzocht om veroordeling van Orionis in de proceskosten.
De rechtbank stelde vast dat verweerder aan verzoeker was tegemoetgekomen door het besluit te herzien, wat een grond is voor veroordeling in proceskosten op grond van artikel 8:75a, eerste lid, Awb. Hoewel verzoeker mogelijk bijzondere bijstand kan aanvragen voor de kosten, deed dit niet af aan de veroordeling.
De rechtbank wees ook op de vergoeding van het griffierecht van €47,- op grond van artikel 8:41, zevende lid, Awb. De proceskosten voor rechtsbijstand werden vastgesteld op €525,- conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. Orionis had toegezegd de kosten in bezwaar te vergoeden, waardoor een veroordeling daarvoor niet nodig was.
De rechtbank veroordeelde Orionis in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van €525,-. De uitspraak werd gedaan door rechter V.M. Schotanus op 3 december 2020 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Orionis Walcheren wordt veroordeeld in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van €525,- na herziening van het besluit tot beëindiging van de bijstandsuitkering.