ECLI:NL:RBZWB:2020:5559
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening bijstandsuitkering wegens onvoldoende financiële informatie
Verzoekers hebben bezwaar gemaakt tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Breda om hun aanvraag voor een bijstandsuitkering op grond van de Participatiewet af te wijzen. Zij verzochten de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter stelt vast dat verzoekers onvoldoende inzicht hebben gegeven in hun financiële situatie, met name door het niet overleggen van belangrijke documenten zoals bewijs van vorderingen, jaarrekeningen, contracten en salarisstroken. Het college mocht daarom terecht aanvullende informatie over een langere periode opvragen gezien de recente bedrijfsactiviteiten van verzoekers.
De voorzieningenrechter oordeelt dat verzoekers niet aannemelijk hebben gemaakt dat zij in de beoordelingsperiode in bijstandbehoevende omstandigheden verkeerden. De enkele huurachterstand is onvoldoende om het recht op bijstand vast te stellen. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens onvoldoende financiële informatie van verzoekers.