Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
- het wrakingsverzoek, bij brief van 14 september 2020, door de rechtbank ontvangen op 15 september 2020;
- de brief van verzoeker van 21 september 2020, waarin wordt geantwoord op de brief van de rechtbank waarin wordt gevraagd waarom zo lang is gewacht met het indienen van het wrakingsverzoek
- de processtukken zoals opgenomen in het dossier van de rechtbank in de hoofdzaak.
2.Het verzoek
3.Feiten
4.Het standpunt van verzoeker
- zonder eerst zelf te onderzoeken of verzoeker belanghebbend is, hierover een “een tweetje” aanging met verweerder;
- bevestigde dat hetgeen wij inbrachten over de ontvankelijkheid niet relevant is;
- van mening was en bleef dat er juridisch en feitelijk geen toegang is in de procedure voor derden.
5.De beoordeling
6.Beslissing
- verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in het verzoek tot wraking;
- bepaalt dat de behandeling van de zaak met zaaknummer: [nummer] zal worden voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van de indiening van dit verzoek.