Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
solely or to a decisive extent) omtrent de rol van verdachte bij de overval. Ondanks dat de verdediging [medeverdachte] niet effectief heeft kunnen ondervragen, levert het gebruik van diens verklaringen voor het bewijs in deze zaak geen schending op van artikel 6 EVRM Pro.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partij
8.Het beslag
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het onder parketnummer 02/042285-20 onder 2. ten laste gelegde feit;
jeugddetentie van 250 dagen, waarvan 120 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaarden:
een taakstraf in de vorm van een werkstraf van 100 uren;
vervangende jeugddetentiezal worden toegepast van
50 dagen;