ECLI:NL:RBZWB:2020:3548
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijk verklaring verzoek voorlopige voorziening wegens niet betalen griffierecht
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen een besluit van het UWV over terugvordering en invordering en verzocht om een voorlopige voorziening. De rechter heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, Awb besloten geen zitting te houden.
Verzoeker is per aangetekende brief gewezen op de verplichting tot betaling van griffierecht binnen twee weken, met de waarschuwing dat bij niet tijdige betaling het verzoek niet-ontvankelijk kan worden verklaard.
Omdat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn is ontvangen, verklaart de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van griffierecht.