Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van 18 juni 2020 van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam eiser] , te [plaatsnaam] , eiser, gemachtigde: ing. L. Visscher,
Procesverloop
Overwegingen
4. Omvang van het geding
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen op Zoom om een omgevingsvergunning te verlenen voor het bouwen van een dakterras op een perceel met bestemming 'Horeca'. Eiser stelde dat het college niet bevoegd was om de vergunning te verlenen omdat het dakterras in strijd zou zijn met het bestemmingsplan en de wijzigingsbevoegdheid onjuist was toegepast. Tevens voerde eiser aan dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn belangen, zoals privacy en geluidsoverlast.
De rechtbank oordeelt dat het bouwplan niet in strijd is met het bestemmingsplan Binnenstad. Het gebruik van het dak als dakterras valt onder normaal gebruik ten behoeve van wonen en is een daarbij behorende voorziening. Het dakterras wordt gerealiseerd op het hoofdgebouw en blijft binnen de maximale goot- en bouwhoogte. Het college heeft geen gebruik gemaakt van de wijzigingsbevoegdheid uit het bestemmingsplan, zodat dit bezwaar niet leidt tot vernietiging.
Verder is vastgesteld dat de belangen van eiser, zoals privacy en geluidsoverlast, geen weigeringsgrond vormen op grond van artikel 2.10 Wabo. Het college had daarom geen ruimte om de vergunning op die gronden te weigeren. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de vergunning blijft van kracht.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor het dakterras wordt ongegrond verklaard.