ECLI:NL:RBZWB:2020:2130
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bestuursdwang tot sluiting bedrijfspand
Verzoeker maakte bezwaar tegen het besluit van de burgemeester van de gemeente Altena om het bedrijfspand voor zes maanden te sluiten vanwege de vondst van een grote hoeveelheid hennepgerelateerde goederen tijdens een politiecontrole.
De voorzieningenrechter overwoog dat een financieel belang op zich geen reden is voor een voorlopige voorziening, tenzij sprake is van een financiële noodsituatie, welke niet aannemelijk was gemaakt. Tevens bood de verlengde begunstigingstermijn en mogelijkheid tot ontheffing voldoende waarborgen voor verzoeker en huurders.
De stelling van verzoeker dat de goederen in een ander pand waren aangetroffen, werd onvoldoende onderbouwd en kon niet leiden tot twijfel over de rechtmatigheid van het besluit.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen en was er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de bestuursdwang tot sluiting van het bedrijfspand is afgewezen.