ECLI:NL:RBZWB:2020:1728
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen last onder dwangsom wegens overschrijding emissiegrenswaarde benzeen asfaltcentrale
Verzoekster exploiteert een asfaltcentrale en kreeg een last onder dwangsom opgelegd wegens overschrijding van de emissiegrenswaarde voor benzeen uit artikel 2.5 van het Activiteitenbesluit milieubeheer. Uit emissiemetingen van september 2018 en augustus 2019 bleek dat de concentraties benzeen de wettelijke grenswaarden significant overschreden. Verzoekster betwistte de overtreding en voerde aan dat onvoldoende data beschikbaar waren om de metingen als representatief te beschouwen en dat het college ten onrechte handhavend optrad.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het college op basis van geaccrediteerde en deskundig uitgevoerde metingen terecht kon vaststellen dat sprake was van een overtreding. De argumenten van verzoekster over het ontbreken van normale bedrijfsomstandigheden en het lopende onderzoek naar emissiebeperkende maatregelen werden niet aannemelijk geacht. Ook was er geen concreet zicht op legalisatie, aangezien een eerder verzoek tot maatwerkvoorschrift buiten behandeling was gesteld.
Verder werd geoordeeld dat het opleggen van de last onder dwangsom niet onevenredig was, mede omdat de emissiegrenswaarden sinds 2019 gelden en verzoekster ruim vier jaar had om maatregelen te treffen. Het belang van handhaving van de luchtkwaliteit en bescherming van de volksgezondheid, gezien de kankerverwekkende aard van benzeen en de nabijheid van een woonwijk, woog zwaar. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel slaagde niet, omdat slechts enkele asfaltcentrales maatwerkvoorschriften hadden gekregen.
De voorzieningenrechter wees het verzoek om voorlopige voorziening af en benadrukte dat de beoordeling van toekomstige metingen en dwangsommen niet aan de rechtbank ter beoordeling lag. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de last onder dwangsom wegens overschrijding van de emissiegrenswaarde voor benzeen wordt afgewezen.