Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
2.De beoordeling
3.De beslissing
Kristel Cornelia Johanna van Overveld, geboren te Roosendaal op
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Verzoekster, een zestienjarige minderjarige, heeft bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant een verzoek ingediend tot handlichting om bevoegdheden van een meerderjarige te verkrijgen voor deelname aan de vennootschap onder firma “F.C. van Overveld V.O.F.”, waarin haar ouders en familieleden het melkveebedrijf uitoefenen.
De kantonrechter heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van artikel 1:235 BW Pro en vastgesteld dat de handlichting kan worden verleend voor zover deze zich beperkt tot het deelnemen in de vennootschap en het uitoefenen van het bedrijf. De minderjarige wordt niet bekwaam geacht tot het beschikken over registergoederen, effecten of door hypotheek gedekte vorderingen.
Verder is bepaald dat de beschikking zal worden gepubliceerd op www.rechtspraak.nl en in één dagblad, waarbij de publicatie in de Staatscourant achterwege blijft vanwege het ruime bereik van internetpublicatie. De beschikking is uitgesproken op 2 april 2020 door kantonrechter N. van der Ploeg-Hogervorst.
Uitkomst: Handlichting verleend aan minderjarige voor deelname aan vennootschap onder firma met beperkingen conform artikel 1:235 BW.