Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
parketnummer 02/800887-16vraagt de officier van justitie vrijspraak voor feit 1 primair en feit 3, maar acht zij wettig en overtuigend bewezen dat verdachte feit 1 subsidiair en de feiten 2, 4 en 5 heeft gepleegd. Zij baseert zich daarbij voor feit 1 subsidiair op de aangifte van [naam 1] en op de foto in het dossier van de verwonding, voor wat betreft feit 2 eveneens op de aangifte en op de foto in het dossier en op de verklaring van verdachte waarin hij zegt dat hij [naam 1] uit de auto heeft getrokken. Voor wat betreft feit 4 baseert de officier van justitie zich op het proces-verbaal van aantreffen van de wapens en munitie en op het proces-verbaal van bevindingen met betrekking tot de omschrijving van de wapens en munitie. Feit 5 kan volgens de officier van justitie eveneens bewezen worden, gelet op het aantreffen van de cocaïne en de hennep en op de verklaring van verdachte dat deze verdovende middelen van hem waren voor eigen gebruik. Ten aanzien van de hennep verzoekt de officier van justitie echter om partiële nietigheid nu dit een overtreding betreft.
parketnummer 02/665010-18acht de officier van justitie wettig en overtuigend bewezen dat verdachte aangever [naam 2] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht gelet op de aangifte van [naam 2] en op de verklaringen van getuigen [naam 4] , [naam 7] [naam 8] en [naam 9] . Ook de mishandeling van [naam 2] acht de officier van justitie bewezen gelet op de aangifte en op de verklaringen van getuigen [naam 4] en [naam 7] .
parketnummer 02/800240-18vraagt de officier van justitie vrijspraak. Zij acht feit 2, de mishandeling van [naam 4] gedurende de periode 11 maart 2018 tot en met 1 april 2018, wel wettig en overtuigend bewezen gelet op de aangifte van [naam 4] , de foto’s in het dossier van het letsel bij [naam 4] , de verklaring van getuige [naam 6] en op de verklaring van verdachte die zegt haar eenmaal geslagen te hebben met een platte hand.
parketnummer 02/800887-16en wijst daarbij op het ontbreken van enig steunbewijs naast de aangifte van [naam 1] .
parketnummer 02/665010-18vraagt de verdediging eveneens vrijspraak nu er weliswaar diverse getuigen spreken van een wapen, maar deze verklaringen ook worden bestreden door andere verklaringen en geen van de getuigen onpartijdig is. Er is ook geen wapen aangetroffen.
parketnummer 02/800240-18verwijst de verdediging naar het standpunt van de officier van justitie en naar het feit dat de rechtbank voor dit feit eerder geen ernstige bezwaren heeft aangenomen en vraagt deze ook daarvoor vrijspraak.
parketnummer 02/800240-18stelt de verdediging dat niet de gehele tenlastegelegde periode bewezen kan worden. Wat betreft feit 5 van het
parketnummer 02/800240-18is de verdediging van mening dat er onvoldoende bewijs is dat verdachte het slot kapot heeft gemaakt en dat hij ook hiervan dient te worden vrijgesproken.
of omstreeks10 december 2016
te Roosendaal en/of eldersin Nederland,
(telkens)[naam 1] heeft mishandeld door die [naam 1] :
meermalen, althans eenmaal tegen het hoofd en/of (het) overig(e) lichaam(sdelen)te schoppen
en/of trappenen
/ofteslaan
en/of stompen,en
/of,
en/of ten val te brengen,tengevolge waarvan die [naam 1]
(telkens)pijn en
/ofletsel heeft ondervonden;
of omstreeks15 december 2016 te Roosendaal een
of meerwapen
svan categorie III, onder 1, te weten een centraalvuur pistool (7,65 mm), en
/ofmunitie van categorie III, te weten 5 centraalvuur kogelpatronen (7,65 mm), voorhanden heeft gehad;
/of
of omstreeks15 december 2016 te Roosendaal een
of meerwapen
svan categorie I, onder 1, te weten een stiletto, voorhanden heeft gehad;
of omstreeks27 oktober 2017 te Roosendaal [naam 2] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht
en/of met zware mishandeling, door
een vuurwapen, althanseen op een vuurwapen gelijkend voorwerp, ter hand te nemen en
/ofvervolgens dat vuurwapen te richten
en/of te tonen aan/op die [naam 2] ;
of omstreeks27 oktober 2017 te Roosendaal [naam 2] heeft mishandeld door die [naam 2] meermalen,
althans eenmaal (telkens)te slaan
en/of stompen op/tegen
de borst, althanshet lichaam;
een ofmeerdere tijdstip
(pen
)in
of omstreeksde periode van
1 juli 201711 maart 2018tot en met 1 april 2018
te Roosendaal, in elk gevalin Nederland, [naam 4] (zijn levensgezel) (telkens) heeft mishandeld door meermalen,
althans eenmaal,te slaan/
stompen/stotenen
/ofaan haar haren en
/ofo(o)r
(en)te trekken en
/ofte
schoppen/trappen en
/ofte knijpen;
of omstreeksde periode van 1 juli 2017 tot en met 1 april 2018,
te Roosendaal, in elk gevalin Nederland, [naam 4] heeft bedreigd
met enig misdrijf tegen het leven gericht en/ofmet zware mishandeling, door die [naam 4] dreigend de woorden toe te voegen dat als ze nog één keer zou kijken dat ze een groot probleem zou hebben en dat hij haar oog zou breken
, althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;
of omstreeksde periode van
30 juni 20174 augustus 2017 tot en met
118augustus 2017 te
Renesse en/ofScharendijke,
in elk geval in Nederland,[naam 5] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht
en/of met zware mishandeling,door die [naam 5] dreigend de woorden toe te voegen "Als jij 1 jongen mee neemt in de tent dan maak ik je af" en/of dat als zij jongens mee zou nemen naar de tent hij haar dood zou steken, althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partij
[naam 1]vordert een schadevergoeding van € 3.172,82 voor de feiten 1, 2 en 3 van het parketnummer 02/800887-16.
[naam 2]vordert een schadevergoeding van € 27.266,03 voor feit 1 en 2 van het parketnummer 02/665010-18.
8.Het beslag
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan de onder de onder het parketnummer 02/800887-16 tenlastegelegde feiten 1, 3 en 5 en van de onder het parketnummer 02/800240-18 tenlastegelegde feiten 1 en 5;
een gevangenisstraf van 240 dagen;
gedeelte van deze gevangenisstraf, groot 138 dagenniet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat verdachte voor het einde van de proeftijd van twee jaren na te melden voorwaarden niet heeft nageleefd;
bijzondere voorwaarden:
een taakstraf van 200 uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast van
100 dagen;
onttrokken aan het verkeerde inbeslaggenomen voorwerpen, te weten:
teruggaveaan verdachte van het inbeslaggenomen voorwerp, te weten;
26 dagenhechtenis,