ECLI:NL:RBZWB:2019:601
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Bodemzaak
- Van ‘t Nedereind
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid rechtbank inzake voorlopig deskundigenbericht in internationaal handelsgeschil
Event Floor BV verzocht de rechtbank om een voorlopig deskundigenbericht te gelasten en een deskundige te benoemen in een handelsgeschil met een Belgische rechtspersoon. Het verzoek had betrekking op de levering van tegels en de plaats van levering, waarbij Event Floor stelde dat de Nederlandse rechter bevoegd was.
De verweerster voerde aan dat de Belgische rechter bevoegd was, omdat de levering feitelijk in België had plaatsgevonden en daar al een bodemprocedure liep. De rechtbank oordeelde dat zij eerst moest toetsen of zij bevoegd was, mede gelet op de internationale aspecten en de lopende procedure in België.
De rechtbank stelde vast dat de Belgische rechter zich op 30 januari 2019 bevoegd had verklaard en dat het verzoek tot voorlopig deskundigenbericht niet kwalificeert als een bewarende maatregel onder artikel 35 van Pro de EEX-Verordening. Daarom verklaarde de rechtbank zich onbevoegd om van het verzoek kennis te nemen.
Event Floor werd veroordeeld in de kosten van het verzoek. De uitspraak benadrukt het belang van de internationale bevoegdheidsregels en de autonome status van voorlopige onderzoeksmaatregelen in het kader van grensoverschrijdende geschillen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het verzoek tot voorlopig deskundigenbericht en veroordeelt Event Floor in de kosten.