Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partij
8.De vorderingen tot tenuitvoerlegging
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
:Oplichting;
een gevangenisstraf van 30 maanden;
niet-ontvankelijkin zijn vordering tot tenuitvoerlegging in de zaak onder parketnummer 02-012363-18;
ten uitvoer zal worden gelegd, te weten
1 maand gevangenisstraf;
[naam 5]van
€ 85,-ter zake van materiële schade en vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 12 september 2019 tot aan de dag der algehele voldoening;