Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
feiten 1 en 2(feit 20 eindproces-verbaal)op de aangifte van [slachtoffer 1] en het proces-verbaal van herkenning van [medeverdachte] van het pinnen met de gestolen pinpas. Uit de historische verkeersgegevens van de telefoonnummers van [verdachte] en [medeverdachte] leidt de officier van justitie af dat beide telefoonnummers een GSM-mast aanstraalden in de buurt van de locatie waar aangeefster boodschappen deed en de locatie waar is gepind met de gestolen pinpas en dat er, rond het tijdstip dat aangeefster boodschappen deed, meermalen telefonisch contact is geweest tussen [verdachte] en [medeverdachte] .
feiten 3 en 4(feit 22 eindproces-verbaal)is er een aangifte van [slachtoffer 2] , een verklaring van getuige [getuige 1] en zijn er camerabeelden van de [winkel 3] , waarop te zien is dat [medeverdachte] de verkoopster afleidt en [verdachte] direct nadat aangeefster heeft gepind achter haar vandaan in beeld komt.
feiten 5 en 6baseert de officier van justitie zich op het volgende.
[naam 1]gebruik maakte van het telefoonnummer
[telefoonnummer 2].
[naam 5]gebruik maakte van het telefoonnummer
[telefoonnummer 3] .
[naam 5]gebruik maakte van het telefoonnummer
[telefoon 10].
[medeverdachte]gebruik maakte van het telefoonnummer
[telefoon 9] .
[verdachte]gebruik maakte van het telefoonnummer
[bank 3] .
- € 100,- van [bank 3] [adres ] (Nijmegen) om 13:06 uur
- € 300,- van [bank 3] [adres ] (Nijmegen) om 13:08 uur
- € 300,- van [bank 3] [adres ] (Nijmegen) om 13:09 uur
- € 300,- van [bank 3] [adres ] (Nijmegen) om 13:09 uur
12:44 uur bij de [bank 3] pinautomaatgelegen aan de [adres ] (Nijmegen), € 600,-;
en/of anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen goederen, toebehorende aan anderen dan aan verdachte en zijn mededader(s), te weten:
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De wettelijke voorschriften
8.De beslissing
een gevangenisstraf van 24 maanden;