Belanghebbende verzocht om teruggaaf van dividendbelasting over de jaren 2006 tot en met 2009. De inspecteur wees deze verzoeken af en verklaarde het daaropvolgende bezwaarschrift niet-ontvankelijk omdat de motivering niet tijdig was ingediend.
De gemachtigde van belanghebbende kreeg meerdere malen uitstel voor het indienen van de motivering. De motiveringsbrief werd op 1 december 2017 ontvangen, maar de inspecteur was daarvan niet op de hoogte bij het nemen van de beslissing op bezwaar en verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk.
De rechtbank oordeelt dat er sprake is van door de inspecteur veroorzaakte onduidelijkheid over het einde van de termijn, waardoor het verzuim niet voor risico van belanghebbende mag komen. Het verzuim is tijdig hersteld en de niet-ontvankelijkverklaring is onterecht. De rechtbank vernietigt de uitspraken op bezwaar en wijst de zaak terug naar de inspecteur voor nieuwe beslissingen. Tevens worden proceskosten aan belanghebbende toegekend.