ECLI:NL:RBZWB:2018:2551
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Wraking
- van Kralingen
- Hopmans
- van Roij
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter in milieudelictzaak bodemverontreiniging
Verzoekster, een onderneming, kreeg een strafbeschikking opgelegd wegens een milieudelict, namelijk bodemverontreiniging door lekkende flessen vloeibaar wasmiddel, met een geldboete van €2500. Tegen deze strafbeschikking werd verzet ingesteld. Tijdens de behandeling van het verzet wrakende verzoekster de rechter wegens vermeende vooringenomenheid en schending van procesrechten.
De wrakingskamer beoordeelde het verzoek en concludeerde dat er geen zwaarwegende aanwijzingen waren dat de rechter onpartijdig zou zijn. Het proces-verbaal van de zitting toonde een regulier verloop van de behandeling, waarbij de rechter vragen stelde gericht op waarheidsvinding. Het verzoek tot het voorlezen van een pleitnota werd niet toegestaan vanwege de schorsing na het wrakingsverzoek, wat procedureel correct was.
Ook werd meegewogen dat het wrakingsverzoek mogelijk geïnitieerd was door een persoon die nog niet als gemachtigde was toegelaten, maar dit vormde geen grond voor wraking. Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen en de zaak zal worden voortgezet in de stand waarin zij zich bevond ten tijde van de schorsing.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter is afgewezen en de zaak wordt voortgezet.