ECLI:NL:RBZWB:2018:2053
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtsverhouding aspirant-registerloods en beëindiging opleiding door Loodswezen
De zaak betreft het geschil over de beëindiging van de opleiding tot registerloods door het Loodswezen en de juridische kwalificatie van de rechtsverhouding tussen de aspirant-registerloods en het Loodswezen.
De aspirant-registerloods volgde een opleiding die bestond uit een regionaal en een centraal gedeelte, verzorgd door verschillende entiteiten binnen het Loodswezen. Na een negatief advies van de examencommissie werd de aspirant per brief van 23 augustus 2017 afgewezen en werd zijn bewijs tot deelname ingetrokken. De aspirant stelde dat er sprake was van een arbeidsovereenkomst en dat het ontslag onrechtmatig was, waarna hij de vernietiging van de opzegging en doorbetaling van salaris vorderde.
De rechtbank overwoog dat de rechtsverhouding niet zonder meer als arbeidsovereenkomst kan worden gekwalificeerd, mede gelet op het arrest van de Hoge Raad van 3 mei 2013. De opleiding was primair gericht op het vergroten van eigen kennis en ervaring van de aspirant, en niet op het belang van het Loodswezen om arbeid te verrichten met economische waarde. Er was geen arbeidsovereenkomst, maar een leerovereenkomst. Het verzoek van de aspirant werd daarom afgewezen en hij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Verzoek tot vernietiging van de opzegging van de opleiding en doorbetaling van salaris wordt afgewezen wegens ontbreken van een arbeidsovereenkomst.