Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.[verweerder] ,
[verweerster],
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De voorzieningenrechter van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 15 december 2017 het verzoek tot goedkeuring van een onderhandse verkoop van een woonhuis met aanhorigheden toegewezen. De verkoopprijs lag ruim boven de getaxeerde markt- en executiewaarde, en er waren geen bezwaren van belanghebbenden ontvangen.
Het verzoek tot een verklaring voor recht dat de hypotheekgever en zijnen op grond van de beschikking tot ontruiming kunnen worden genoodzaakt, werd afgewezen. De rechtbank oordeelde dat artikel 525 lid 3 Rv Pro weliswaar een ontruimingstitel kan geven bij een onderhandse executoriale verkoop, maar dat de verzoekster zelf geen belang had bij deze verklaring omdat zij de ontruiming aan de koper wilde overlaten.
Er werden geen proceskosten aan de wederpartij opgelegd. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en de onderhandse verkoop is goedgekeurd conform de ingediende koopovereenkomst.
Uitkomst: De rechtbank keurt de onderhandse verkoop goed en wijst het verzoek tot verklaring voor recht tot ontruiming af wegens gebrek aan belang.