ECLI:NL:RBZWB:2017:851
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding wegens onvoldoende inlichting over complicatie TUR-P-operatie
De zaak betreft een deelgeschil over de vraag of de arts de patiënt voldoende had geïnformeerd over de mogelijke complicatie retrograde ejaculatie bij een TUR-P-operatie en of de patiënt daardoor schadevergoeding toekomt.
De patiënt onderging in 2014 een tweede TUR-P-operatie en ontwikkelde daarna retrograde ejaculatie. Hij stelde dat hij onvoldoende was geïnformeerd over deze veelvoorkomende complicatie en dat hij bij volledige informatie mogelijk voor een andere behandeling had gekozen. Het Regionaal Tuchtcollege had de klacht deels gegrond verklaard en de arts een waarschuwing opgelegd wegens schending van de informatieplicht.
De rechtbank oordeelde dat de arts de patiënt had moeten informeren over de complicatie gezien de hoge kans (70-80%). Echter, de patiënt had onvoldoende onderbouwd dat hij zonder deze informatie de operatie niet zou hebben ondergaan, mede omdat andere behandelingen geen reëel alternatief boden. Daarnaast was er onvoldoende bewijs voor ernstige integriteitsschade die schadevergoeding rechtvaardigt.
De rechtbank wees het verzoek tot verklaring voor recht en schadevergoeding af. Wel werden de proceskosten van de patiënt begroot op ruim €4.300,00, die de tegenpartij niet hoefde te vergoeden. De uitspraak benadrukt dat een tuchtrechtelijke waarschuwing niet automatisch civielrechtelijke aansprakelijkheid impliceert.
Uitkomst: Het verzoek tot verklaring voor recht en schadevergoeding wegens onvoldoende inlichting over retrograde ejaculatie na TUR-P-operatie wordt afgewezen.