ECLI:NL:RBZWB:2017:3316
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Eenmalige CAO-uitkering leidt tot korting op WAO-uitkering volgens Regeling samenloop
Eiser maakte bezwaar tegen de door het UWV toegepaste tijdelijke vermindering van zijn WAO-uitkering, omdat hij meende dat de eenmalige loonsverhoging onterecht leidde tot een disproportionele verlaging van zijn uitkering. Hij stelde dat de uitkering een gespreide loonsverhoging betrof en niet als eenmalige uitkering gekort mocht worden.
De rechtbank overwoog dat de Regeling samenloop arbeidsongeschiktheidsuitkering met inkomen alleen toepassing geeft aan vakantietoeslag en extra periodiek salaris, en niet aan incidentele uitkeringen zoals eenmalige CAO-uitkeringen. De eenmalige uitkering van maart 2016 viel volgens de rechtbank onder incidentele uitbetalingen en was niet opgebouwd over de looptijd van de CAO.
Hoewel de uitkomst voor eiser onwenselijk leek en het principe 'werken moet lonen' werd erkend, concludeerde de rechtbank dat het UWV de wet correct had toegepast en dat er geen grond was om het beroep gegrond te verklaren. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de korting op de WAO-uitkering blijft gehandhaafd.