Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
- het proces-verbaal van de terechtzitting van 3 april 2017 van de meervoudige strafkamer, bestaande uit mrs. Janssen, Kouwenhoven en Van de Wetering, belast met de behandeling van de hierna te noemen strafzaken, en waarin opgenomen de namens verzoekers ter zitting gedane mondelinge wrakingsverzoeken;
- de voor de behandeling van die wrakingsverzoeken relevante processtukken in die strafzaak, en
- de behandeling van het wrakingsverzoek door de wrakingskamer ter zitting van 4 april 2017, waarbij zijn verschenen: verzoekers [verzoeker sub 3] , [verzoeker sub 6] en [verzoeker sub 4] , allen in persoon en bijgestaan door respectievelijk mrs. De Leon, Van `t Land en Schuurman. Voorts zijn verschenen mr. Doesburg, namens verzoeker [verzoeker sub 1] , mr. Bals, namens verzoeker [verzoeker sub 5] , mr. Bouchikhi, namens verzoeker [verzoeker sub 7] en mr. Woodrow, namens verzoeker [verzoeker sub 8] . Aanwezig zijn verder mrs. Janssen, Kouwenhoven en Van de Wetering, alsook mr. drs. M.R.A.van IJzendoorn, officier van justitie.
2.De verzoeken
3.De feiten en de gronden van wraking
4.Het standpunt van de rechters
5.Het standpunt van de officier van justitie
6.De beoordeling en de gronden daarvoor
7.De beslissing
- wijst de verzoeken tot wraking af;
- bepaalt dat de behandeling van de strafzaken met de hiervoor onder 2. genoemde parketnummers zal worden voortgezet in de stand waarin deze zich bevonden ten tijde van de schorsing wegens de indiening van deze verzoeken.