Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
- de processtukken in de strafzaak met parketnummers 02/996008-11 en 02/996009‑11;
- het wrakingsverzoek met bijlagen van verzoekers, ingekomen op 22 juni 2016;
- de brief van mr. Arts van 12 juli 2016;
- de schriftelijke reactie op het wrakingsverzoek met bijlage van de gewraakte rechter-commissaris van 15 juli 2016;
- de schriftelijke reactie van de officier van justitie, mr. Huisman, van 15 juli 2016;
- de drie pleitnota’s van verzoekers, overgelegd en voorgedragen ter zitting van 18 juli 2016.
2.Het verzoek
3.Feiten en de gronden van het wrakingsverzoek
4.Het standpunt van de rechter-commissaris
5.Het standpunt van de officier van justitie
6.De beoordeling
7.Beslissing
- wijst het verzoek tot wraking af;
- bepaalt dat de behandeling van de strafzaken met parketnummers 02/996008-11 en 02/996009-11 worden voortgezet in de stand waarin deze zich bevonden ten tijde van de schorsing wegens de indiening van dit verzoek.