In deze zaak vorderen twee besloten vennootschappen, DMHV Holding BV en Holland Property Investors Holding BV (HPI Holding), de overdracht van aandelen. Er bestaat onenigheid over de waarde van de aandelen die HPI Holding moet overnemen van DMHV. De rechtbank benoemt een deskundige om de waarde te bepalen, maar DMHV voldoet haar deel van het voorschot voor het deskundigenonderzoek niet wegens financiële problemen.
De rechtbank overweegt dat het niet betalen van het voorschot voor rekening van DMHV komt en dat zij de gevolgen daarvan moet dragen. Gezien het ontbreken van een andere waarderingsmaatstaf en het feit dat de Vennootschap een negatief eigen vermogen en resultaat heeft, stelt de rechtbank de waarde van de aandelen vast op nihil.
De rechtbank wijst de vordering tot uittreding toe, veroordeelt HPI Holding tot overname van alle 90 aandelen van DMHV en DMHV tot overdracht daarvan aan HPI Holding. De proceskosten worden gecompenseerd zodat elke partij haar eigen kosten draagt. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.