Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Geschil
4.Beoordeling van het geschil
a) 5 per cent of the gross amount of the dividends if the beneficial owner is a company which holds at least 10 per cent of the capital of the company paying the dividends;
such exemption or lower rate shall automatically apply to dividends (…) arising in South Africa and beneficially owned by a resident of Sweden and dividends (…) arising in Sweden and beneficially owned by a resident of South Africa”. Met andere woorden, dat
‘lower rate’(van 0%) in het belastingverdrag tussen Zuid-Afrika en Cyprus geldt dan ook in de verhouding tussen Zuid-Afrika en Zweden.
“limits its taxation on dividends (…) to a rate lower, including exemption from taxation or taxation on a reduced taxable base, than[5%; rechtbank]” – duiden er immers op dat de verdragsluitende partijen niet een enge invulling van het begrip ‘
a rate lower than’voorstonden maar het oog hadden op het feitelijk van toepassing zijnde tarief.
5.Proceskosten
6.Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- verleent teruggaaf van dividendbelasting van € 542.554;
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden: