Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Beslissing
2.Gronden
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Belanghebbende, houder van een vrachtauto, heeft op vijf verschillende dagen in 2013 gebruik gemaakt van de openbare weg zonder het vereiste eurovignet aan te schaffen, wat leidde tot naheffingsaanslagen van € 8 per overtreding en verzuimboeten van € 246 per aanslag. De inspecteur handhaafde deze boeten bij uitspraken op bezwaar.
De rechtbank constateert dat de naheffingsaanslagen terecht zijn opgelegd, maar dat de boeten disproportioneel zijn omdat zij pas ruim na de overtredingen werden opgelegd en sindsdien belanghebbende aan haar fiscale verplichtingen heeft voldaan. De rechtbank acht het aannemelijk dat een eenmalige boete het gewenste nalevingseffect zou hebben gehad.
Daarom vermindert de rechtbank de boeten tot één boete van € 246 en verklaart het beroep gegrond voor zover het de boeten betreft. Het beroep wordt voor het overige ongegrond verklaard. Tevens wordt het betaalde griffierecht aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: De rechtbank vermindert de opgelegde verzuimboeten tot één boete van € 246 wegens disproportionaliteit.